Additieven·Media-zaken·Onderzoeken·Over de wetenschap·voeding

Waarom zijn mensen bang voor geteste voedingsstoffen?

Er is al veel over gezegd en geschreven, E-nummers. Hoewel ik een heel verhaal zou kunnen schrijven over wat E-nummers precies zijn, vind ik het interessanter hoe het toch kan dat er zo’n verschil bestaat tussen experts en (veel) consumenten: de expert vindt ons voedsel veiliger dan ooit, de consument heeft nog nooit zo veel getwijfeld. Daarom deze blog over risicoperceptie van voeding.  

Natuurlijk ontkom ik er niet aan om kort toe te lichten wat een E-nummer is. Een voedingsstof die een E-nummer gekregen heeft, is een stof die goedgekeurd is binnen Europa[i] om gebruikt te worden als zogenaamd additief. Een additief is een stof die toegevoegd kan worden aan een voedingsmiddel om bijvoorbeeld de smaak te bevorderen (smaakversterkers), een product langer houdbaar te maken (zoals conserveermiddelen en antioxidanten) of het productieproces te verbeteren (zoals meelverbeteraars voor verbeterde bakeigenschappen)[ii]. Voor een additief een E-nummer krijgt, moet het uitvoerig getest worden op veiligheid. De Europese Voedselveiligheidsautoriteit EFSA beoordeelt deze testgegevens op hun betrouwbaarheid. Daarmee worden alleen additieven toegelaten in voedingsproducten die geen risico vormen voor inname door de algemene consument. Natuurlijk blijft het altijd opletten voor mensen die allergisch zijn voor specifieke stoffen, maar in principe zijn deze additieven veilig voor iedere consument.

Waarom er zo veel ophef is over E-nummers? Er worden allerlei redenen aangedragen door voedingsgoeroe’s om geen additieven te eten: kinderen zouden er hyperactief van worden, mensen krijgen hoofdpijn, allerlei beweringen worden gemaakt die niet te staven zijn met wetenschappelijk bewijs. En over die ongefundeerde beweringen maken verschillende experts, zoals een microbiologe & columniste, zich weer druk over. Zoals gedragswetenschapper Dr. Reint Jan Renes prachtig beschrijft op zijn blog, lijken mensen met minder kennis van zaken juist een sterke mening te hebben, wat ook het geval lijkt te zijn bij deze hele E-nummer discussie.

Maar waarom is die perceptie van risico’s van eten verschillend tussen experts en consumenten? Er blijken een aantal psychologische factoren mee te spelen bij deze risicoperceptie. Een consument denkt niet alleen aan de technische specificaties van een risico, maar ook aan het gevoel van controle over de blootstelling aan het risico en of het risico een grote ramp tot gevolg heeft[iii]. Als je het gevoel hebt dat je geen controle hebt over het risico, lijk je er angstiger over te worden en al helemaal als je denkt dat het uiteindelijk in een catastrofe eindigt. Daarnaast lijken onnatuurlijke risico’s, bijvoorbeeld pesticiden, nog bedreigender dan natuurlijke risico’s zoals microbiologische contaminaties[iii],[iv]. Naast zulke psychologische factoren blijken ook andere zaken mee te spelen, zoals geslacht (mannen lijken veiligheid belangrijker te vinden dan vrouwen), je sociaal-economische status, je woonomgeving en je ervaring[iii],[v].

Deze risicoperceptie lijkt beïnvloed te kunnen worden door aan een consument meer informatie te geven, zoals Bearth en collega’s deden[vi]. De helft van 185 Zwitserse consumenten kreeg een informatievideo te zien over de wetenschappelijke beoordelingsprocedure van additieven en bijbehorende wet- en regelgeving. Het zien van deze video bleek te leiden tot meer kennis over additieven en meer acceptatie van deze stoffen dan vóór het zien van de video. Meer kennis lijkt in deze studie dan ook te leiden tot minder onbegrip van voedselveiligheidsissues.

Dus hoewel de procedures rondom het goedkeuren van voedingsadditieven en andere voedingsproducten al wel transparanter gemaakt worden[ii], moeten we als experts wellicht meer uitleggen over deze procedures voordat de angst van een consument weggenomen kan worden. Eigenlijk moeten we de bange consument dus niet aan het werk zetten, maar alle voedings-, communicatie- en juridische wetenschappers!


[i] Verordening (EU) nr. 1333/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 inzake levensmiddelenadditieven. Beschikbaar op http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:32008R1333&from=EN.

[ii] European Food Safety Authority. Food additives. Beschikbaar op http://www.efsa.europa.eu/en/topics/topic/food-additives.

[iii] Safe Foods. Consumer food risk perceptions. Beschikbaar op http://www.safefoods.nl/en/safefoods/Elearning/Social-Science/1.-Introduction/1.2-Consumer-food-risk-perceptions.htm.

[iv] Tonkin E, Coveney J, Meyer SB, Wilson AM, Webb T (2016). Managing uncertainty about food risks – consumer use of food labelling. Appetite 107:242-252.

[v] Wilcock A, Pun M, Khanona J, Aung M (2004). Consumer attitudes, knowledge and behavior: a review of food safety issues. Trends in Food Science & Technology 15:56-66.

[vi] Bearth A, Cousin ME, Siegrist M (2016). “The dose makes the poison”: Informing consumers about the scientific risk assessment of food additives. Risk Analysis 36:130-144.

 

Een gedachte over “Waarom zijn mensen bang voor geteste voedingsstoffen?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s